Navigation
Twitter
Flickr
Friday
Oct052012

Mijn leven zonder telefoon, het heeft wel wat

Al jaren hoorde iedereen die me belde via het antwoordapparaat: "ik ben geen beller, inspreken heeft geen zin, de kans is klein dat ik het hoor". Ik vind de telefoon een indringend apparaat. Het verstoort waar ik mee bezig men op een moment dat het me niet uitkomt. Twitter en mail zijn mijn communicatiekanalen. Natuurlijk, ook daar is het vaak teveel, maar daar bepaal ik zelf wanneer ik tijd voor lezen en antwoorden maak.

Sinds maandag is de kleine kans dat ik de telefoon opneem teruggebracht tot nul. Mijn iPhone stortte van 15 meter naar beneden. Stuk. Alhoewel, nog van alles lijkt het te doen, maar het scherm in ieder geval niet meer. Er zijn mensen die me verdachten van opzet. Dat ik een smoes zocht om de iPhone 5 te kopen. Dat is niet waar! Want de iPhone 4 stond klaar om door te schuiven naar mijn kinderen. Dat kan nu niet gebeuren ...

Dit is mijn vijfde dag zonder telefoon. Ik begin er aan te wennen, het heeft wel wat. Want ook al ben ik geen beller, de telefoontjes kwamen toch op mijn scherm binnen. Die onrust is nu weg.

Lekker. 

Natuurlijk, dit is niet houdbaar, die telefoon komt er weer. Want soms moet je mensen nu eenmaal wel even spreken. En natuurlijk moet je bereikbaar voor familie kunnen zijn wanneer nodig. 

Maar de stilte ga ik missen.

Friday
Sep142012

Bij Oor lijken ze te denken dat ik het blad haat. Ze zitten er naast.

Ik ben opgegroeid met Oor, of beter: met Muziekkrant Oor. Toen ik in muziek geinteresseerd raakte was het ook nog echt een krant. Een blad dat iedere twee weken uitkwam en mijn levenslijn tot de muziekwereld was. Nederlandse radio vertelde me een beetje, de krakende ontvangst van John Peel vertelde me veel. En Oor gaf me iedere twee weken een overzicht van nieuws, interviews en nieuwe releases. Oor was essentieel voor wie van (alternatieve) muziek hield. Oor is belangrijk voor me geweest en daarmee heb ik nog altijd wat met de naam.

Maar Oor is al lang niet essentieel meer. Het blad is in frequentie gehalveerd en in de wereld om Oor heen zijn er oneindig veel nieuwe bronnen bijgekomen voor wie van muziek houdt. Er is absoluut nog een groep liefhebbers van Oor, maar het blad is al heel lang niet meer smaakmakend en meningvormend.

In deze tijd van fragmentatie zijn er meer zenders, sites en magazines dan ooit. Op zich dus niet heel gek dat Oor minder belangrijk is geworden. Maar de titel heeft mijns inziens zelf sterk bijgedragen aan het verlies aan importantie. Oor heeft de opmars van internet onderschat en lange tijd zelfs genegeerd. De harde kern van het blad heeft weinig met online en in de wereld om Oor heen is internet nu eenmaal bepalend geworden.

3VOO12 is de muzieksite van de VPRO waar ik als een van de mensen in 1998 van aan de wieg stond. Als VPRO zagen we nieuwe mogelijkheden voor muziekliefhebbers, crossmediale potentie voor wie niet van de mainstream hield. 3VOOR12 groeide uit tot een merk met impact, maakte gebruik van nieuwe mogelijkheden en andere behoeften. Bij Oor gingen ze door met een blad maken en een kleine site als bijproduct. 

Dat Tom Engelshoven onder de naam Hooijer de rol van de publieke omroep in zijn column in Oor ter discussie stelt, daar heb ik geen moeite mee. Ook ik denk niet dat het huidige systeem houdbaar is.  Maar dat hij doet alsof 3VOOR12 de partij is die Oor in de weg zit, dat stoort me. 3VOOR12 is niet het probleem, Oor zit zichzelf in de weg. Het blad is niet meegegaan met zijn tijd en heeft onvoldoende meebewogen met zijn publiek.

Als Hooijer denkt dat Oor meer kans zou maken om een groter publiek te bereiken als 3VOOR12 zich op alleen nieuw en aanstormend zou richten en gevestigde events als Lowlands of Pinkpop niet meer zou verslaan, dan laat hij zien de aansluiting bij de wereld om hem heen te missen.

Als er morgen geen publieke omroep meer is, wordt Oor overmorgen echt niet groter. Die strijd is verloren. Dan verzorgt YouTube simpelweg het verslag, zoals het nu in video al van Lowlands deed. Dan is staatssubsidie niet de reden van geklaag van grote concurrentie, maar is het groot kapitaal dat wat Oor dwarszit. Om nog maar te zwijgen van al die liefhebbers die onbetaald over muziek publiceren en daarmee de betaalde Hooijer beconcurreren. 

Nogmaals: niks tegen een discussie over de rol van de publieke omroep. Maar als Oor in de persoon van Hooijer denkt dat daar de concurrentie vandaan komt, dan heeft het blad wat mij ooit vormde het heel erg mis.

Bij Oor lijken ze te denken dat ik Oor haat. Ze zitten er naast. Ik maak me druk omdat ik het doodzonde vind dat een monument van de Nederlandse popmuziek niet met zijn tijd is meegegaan en zich niet op eigen kwaliteit focust maar de schuld van eigen falen bij een ander legt. 

 

Tuesday
Sep112012

Het proces is het product

Ik heb hier veel en vaak over geschreven, maar blijf dat doen als zich weer nieuwe voorbeelden voordoen.

Klassieke media maakt eindproducten. Logisch, een krant verschijnt dagelijks, een magazine wekelijks of maandelijks.

Online media kunnen anders werken. Velen werken volgens de klassieke lijnen, maar ik vind een andere weg leuker.

Ik vind het waardevol om de route naar een eindproduct ook te documenteren. Om bewust tussenstappen, gedachtenflarden, ruwe interviews te publiceren. Omdat ze er inhoudelijk voor zorgen dat andere mensen gaan meepraten en meedenken, omdat ze er voor zorgen dat een eindproduct al bestaat voor het in de winkel ligt. En omdat allerlei facetten van zo'n proces interessant zijn.

Bijvoorbeeld. Fast Moving Targets gaat over innovatie op het gebied van media, communicatie en technologie. Maar is zelf met dezelfde vragen bezig als anderen. Dat kun je intern doen, achter gesloten deuren. Maar dat kun je ook openbaar doen. Laten zien waar je over nadenkt, over welke keuzes je twijfelt, etcetera. En als je dan anderen vraagt mee te denken, word je daar zelf wijzer van, maar is dat ook interessant voor een grote groep.

Zo vragen we ons natuurlijk af waar de grootste kansen liggen als het om verdienmodellen gaat. Dat kunnen we besloten vragen aan anderen, maar ook open. We kiezen voor het laatste. Dat is waardevol voor onszelf, interessant voor anderen en en passant ook nog eens goede inhoud voor de site.

Dus ... praat mee, denk mee!

 

Thursday
Sep062012

Meer moeten we met een boek niet willen ...

Het concept van een papieren boek is helder: een tekstueelverhaal van A tot Z.

De digitale versie is dat ook, maar biedt daarnaast handige voordelen. Voor een man met leesbril is het lekker dat ik de letters groter kan zetten ;-) Ik vind het daarbij in non fictie waardevol dat ik via de notities (in mijn Kindle) kan zien wat andere lezers waardevolle fragmenten vinden. Maar het handigst is het dat ik waar ik ook maar ben nieuwe boeken bij Amazon kan bestellen die in een minuut op mijn Kindle staan.

Maar, zo dacht ik altijd, een boek moet digitaal veel meer zijn dan de reguliere versie. Immers, digitaal kan veel meer. Dus interactiviteit, crossmedialiteit, verandering. Omdat we die elementen digitaal verwachten en omdat het kan.

Maar ik ben steeds meer gaan twijfelen. Moet je een bestaand format wel echt willen veranderen, denk ik nu, of moet je naar een compleet nieuwe vorm op zoek?

Een film is een verhaal van A tot Z, moet je daar een interactieve vertelling op CD-rom of DVD van maken? Een boek is een tekstuele vertelling met begin en eind, moet je daar wel video of discussie of lezersparticipatie aan willen toevoegen?

Ik dacht dus van wel, maar ik twijfel daar steeds meer over. En dat doe ik denkend aan bedrijven met geschiedenis. Die verander je moeilijk. Als je iets nieuws wilt, kun je er beter een andere organisatie naast zetten met nieuwe mensen en nieuwe ideeen. Laat het oude voortbestaan en maak ernaast vaart met vernieuwing.

Moeten we zo ook niet naar boeken kijken? Het oude houden en daarnaast verder zoeken? Verhalen kunnen veranderen onder invloed van techniek en mogelijkheden, maar de oude vorm van een tekstueel boek, moeten we die wel proberen te veranderen? Moeten we niet gewoon dicht blijven bij de in eeuwen uitontwikkelde vorm?

Ik denk steeds meer van wel. Extra rimram voelt vaak als geforceerd. Als overbodige ballast. Gebruik de kracht van lineaire tekst (die er natuurlijk overduidelijk is!) en voeg daar mondjesmaat nieuws aan toe. Dat is wat een boek is, digitaal of op papier. Dat heeft zijn waarde. Dat is mooi. Hou dat. Blijf dicht bij wat we nu gewend zijn en wat we hebben afgesproken wat een boek is.

En begin daarnaast digitaal gewoon weer een keer opnieuw. 

Of ... en dat kan ook ... snap dat de website eigenlijk het boek van nu is. Met een oneindig verhaal, met crossmediale inhoud, met interactie. Met nieuwe inhoud en nieuwe vorm.

Dit is een blogpost in het kader van een blogtournee naar aanleiding van het verschijnen van Verdiende Aandacht van Klaas Weima: "Verdiende aandacht presenteert een alternatieve manier om merken te bouwen in het digitale tijdperk. Want de merken van morgen praten liever met dan tegen mensen."

Verdiende Aandacht is een mooi vormgegeven boek en een app die goed laat zien wat een boek in een digitaal domein is. Vorm en functie versterken de papieren editie. Dit is een boek+.

Meer moeten we met een boek niet willen.

Thursday
Sep062012

To schedule or not to schedule, that's the tweeting question!

Vandaag een boeiende discussie op Twitter over het schedulen van Tweets. Inplannen van berichten voor latere publicatie. Mijn mening.

Twitter heeft voor mij twee belangrijke kanten:

Conversatie

Ik vind het leuk, boeiend en waardevol om met mensen te praten over zin en onzin, van sport tot politiek, van muziek tot journalistiek, van privé tot wereld. Ik leer er mensen mee kennen, het scherpt meningen, het is vermaak.

Kennisdeling

In al die gesprekken komt veel waardevolle kennis en deskundigheid langs. Van inzichten tot waardevolle verwijzingen naar video's of artikelen. Twitter is een omgeving waar ik permanent leer en kennis op doe. Een grote kracht daarbij is persoonlijkheid en directheid. Geen anonieme afzender, maar een persoon als filter die bij voorkeur uitlegt wat ie waarom deelt.

Ik snap daarom de mensen die zeggen: scheduled tweets zijn uit den boze. Omdat automatische tweets onpersoonlijk zijn, omdat je het risico loopt dat ze gedateerd zijn bij plaatsing, omdat je het risico loopt dat mensen dan reageren en je er niet bent voor repliek.

En toch zie ik het anders.

95% van wat ik Twitter is handmatig. Ik vertel wat me opvalt, reageer op wat ik zie, bemoei me met gesprekken ;-) Maar ik wil ik ook graag dat mensen weten dat we met Fast Moving Targets mooie inhoud maken. En wil de links daarvan delen. Maar ik wil geen 5 links in vijf minuten plaatsen. En ik weet dat mensen op verschillende momenten op de dag online zijn.

Daarom gebruik ik Buffer. Een online app waarin je een publicatieschema kunt aanmaken (en goed kunt monitoren wat mensen met een link doen). Je kunt publicatiemomenten in de dag of week bepalen en berichten in een wachtrij plaatsen die volgens het schema de deur uit gaan. Zodat de volgens mij waardevolle links niet als bombardement voelen maar met mate langskomen.

En natuurlijk hou ik dan rekening met de actualiteit. Wat nu waardevol is, gaat nu de deur uit, maar tijdlozer berichten kunnen ook best een uurtje wachten. Dus ga er vanuit dat in ieder van die links en berichten aandacht en liefde zit, maar dat het schedulen is om goede inhoud op een volgens mij juiste manier de wereld in te slingeren.

Zo werken we ook met onze kanalen die we op Scoop.it maken (zie bijvoorbeeld het FMT Central of FMT Crowdfunding). Net als een andere redactie maken we berichten en publiceren onmiddelijk wat NU moet, maar hebben we een publicatieschema voor verhalen van waarde die ook even kunnen wachten. Volg daarvoor ook @fastmoving. Ook daar geldt: een tweet is nooit alleen maar het doorplaatsen van een link, altijd zit er een eigen bericht achter dat samenvat en voor context zorgt.

Kortom: Twitter is realtime en persoonlijk, we monitoren alles en reageren (bijna) altijd, maar ook over de gebufferde berichten is nagedacht en er zit altijd redactie en persoonlijkheid achter de links!